• 10:00-10:30
  • Zaal 3
  • Afval, recycling, CE

Afvalwater en -lucht/Omgevingswet

  • Ir. K.E. de Jong
  • KWA Bedrijfsadviseurs

Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) zijn stoffen die gevaarlijk zijn voor mens en milieu omdat ze bijvoorbeeld kankerverwekkend zijn, de voortplanting belemmeren of zich in de voedselketen ophopen. De Nederlandse overheid voert beleid om de risico's van ZZS voor mens en milieu te minimaliseren. Er is momenteel vanuit het bevoegd gezag op het gebied veel aandacht voor ZZS. Ook zien we dat diverse branches meer aandacht krijgen op het gebied van deze ZZS. Als deze stoffen in het afvalwater of in de lucht voorkomen geldt een minimalisatieplicht. Als KWA Bedrijfsadviseurs hebben we de drive om bedrijven te helpen om de uitstoot van deze stoffen te minimaliseren voor zowel lucht als water. In deze presentatie neemt KWA u mee hoe deze minimalisatie is verankerd in de wetgeving en welke stappen u moet ondernemen om aan de minimalisatieplicht te voldoen.

Stappenplan
Het RIVM houdt een lijst bij van ZZS die aan het criteria ZZS voldoen. Als deze stoffen in het afvalwater of in de lucht voorkomen geldt een minimalisatieplicht en dient eens in de 5 jaar een rapport te worden opgesteld welke maatregelen het bedrijf heeft genomen om ervoor te zorgen dat deze stoffen uit het proces worden geweerd.
Maar daar blijft het niet bij: de te ondernemen stappen voor lucht en water worden anders ingevuld. Voor lucht geldt dat de luchtstroom getoetst moet worden aan de grensmassastroom. Wordt de grensmassastroom van de specifieke stof overschreden dan dient een immissietoets te worden uitgevoerd en te worden gekeken of deze de het Maximaal Toelaatbaar Risico (MTR) overschrijdt. Indien dit het geval is dienen aanvullende maatregelen te worden genomen om de luchtkwaliteit te verbeteren of dient toestemming te worden verkregen bij het bevoegd gezag om de MTR te mogen overschrijden.
Voor afvalwater geldt dat voor alle grond-, hulpstoffen of chemicaliën worden gebruikt in het proces die mogelijk bij normaal gebruik in het afvalwater terecht kunnen komen op de waterbezwaarlijkheid moet worden getoetst. Toetsing vindt plaats via de Algemene BeoordelingsMethodiek 2016 (ABM2016). Uit de ABM toets volgt een saneringsinspanning. Dit betekent dat er wordt gekeken hoe vervuilend de stof is als deze in het milieu terecht komt. Hierin zijn verschillende gradaties. Het kunnen stoffen zijn die van nature al in het milieu aanwezig zijn en niet milieubelastend zijn tot en met stoffen die zeer milieubelastend zijn. Deze laatste stoffen zijn de zeer zorgwekkende stoffen (ZZS).
Voor stoffen zowel in lucht als afvalwater geldt een minimalisatieplicht als het gaat om ZZS en is een bronaanpak noodzakelijk.

Best Beschikbare Technieken
Als de betreffende ZZS niet vervangen kunnen worden, dan dient het gebruik te worden geminimaliseerd en vervolgens zoveel als mogelijk uit de lucht of het afvalwater worden gehaald met behandelingstechnieken. Hiervoor dienen technieken te worden gebruikt die worden beschouwd als Best Beschikbare Technieken (BBT).

Immissietoets
Indien er alsnog stoffen in het afvalwater in het milieu kunnen komen, de zogenaamde restlozing na behandeling, dient een immissietoets te worden uitgevoerd. Via deze immissietoets wordt gekeken wat de invloed is van de lozing op het ontvangende oppervlaktewater. Als de invloed binnen de kwaliteitsdoelstellingen van het ontvangende oppervlaktewater valt, zijn er minder bezwaren tegen de restlozing. Indien de kwaliteitsdoelstellingen worden overschreden, is overleg met de waterbeheerder en/of zijn aanvullende maatregelen noodzakelijk.

In de vergunning staat vaak opgenomen hoe met stoffen moet worden omgegaan die in het milieu terecht kunnen komen.